Winkelwagen 0 producten / € 0,00
Ark Mission

De geschiedenis van de kinderbijbel

 

De geschiedenis van de Nederlandse kinderbijbel
In het Nederlandse taalgebied verschenen in de afgelopen eeuwen bijna 900 kinderbijbels. Hoe heeft de kinderbijbel zich ontwikkeld? Onderstaande is gebaseerd op het proefschrift van dr. W. van der Meiden: ‘Zoo heerlijk eenvoudig’. Geschiedenis van de kinderbijbel in Nederland. Uitgeverij Verloren, 2009 ISBN/EAN 9789087041205.

De eerste kinderbijbels
In 1640 verschijnt de eerste Nederlandstalige ‘kinderbijbel’. Dit boekje, vertaald uit het Engels, vertelt de bijbelverhalen via vraag en antwoord, zoals hieronder:
Vraag: Welke twee bomen stonden er in het paradijs? 
Antwoord: De boom des levens en de boom der kennisse van goed ende kwaad. 
Het is de bedoeling dat kinderen op deze manier de verhalen uit het hoofd leren.

De eerste echte Nederlandse kinderbijbel verschijnt in 1703. Barend Hakvoord, ouderling en catechiseermeester in Zwolle, schrijft uitvoerige navertellingen van de bijbelverhalen. Het is een kostbaar karwei en daarom bestaat het Nieuwe Testament slechts uit een samenvatting van enkele pagina’s.

Godsdienst als taalonderricht
In deze tijd woeden er felle godsdiensttwisten. Kinderen leren lezen met het ABC maar ook met de Statenvertaling van de Bijbel en met het leerboek van de kerk, de catechismus. Zoals moslimkinderen nu Arabisch leren met de koran, zo leerden de kinderen Nederlands door het lezen van de Bijbel. 
In de kinderbijbels uit die tijd is de theologische visie van de auteur duidelijk te herkennen. 

In de tweede helft van de achttiende eeuw is het vooral belangrijk dat kinderen worden opgevoed tot nette en nuttige burgers, vol vaderlandsliefde en kennis van de godsdienst. De kinderbijbels weerspiegelen dat en krijgen een gezapige stijl.

Houtsneden en kopergravures
Veel kinderbijbels uit de achttiende eeuw zijn al fraai geïllustreerd met houtsneden of kopergravures. Vaak vraagt de uitgever-eigenaar een bekende dominee of onderwijzer om tekst bij de illustraties te schrijven. Het meest verspreide kinderbijbeltje is de Kleine Print-Bybel uit 1720, waarin de bijbelteksten als rebusjes zijn opgenomen. 

Richtingenstrijd
Begin negentiende eeuw vindt een kerkscheuring plaats die bekend staat als ‘De Afscheiding’.
De felle theologische meningsverschillen rond deze afscheiding weerspiegelen zich in de kinderbijbels. Over en weer worden protesten geschreven en een gereformeerde ouderling schrijft dat hij de kachel aanmaakt met de verderfelijke ‘Prentbijbel’ van een hervormde onderwijzer. 

Door deze richtingenstrijd en door de beginnende verzuiling, ontstaat een groeiende vraag naar kinderbijbels. Elke stroming heeft uiteindelijk haar eigen kinderbijbel. Het behoud van de eigen geloofsvisie is nu belangrijker dan de opvoeding tot een oppassende staatsburger.

De kwaliteit van de kinderbijbels leidt eronder. De meeste bevatten lange, voor kinderen onbegrijpelijke theologische passages en illustraties worden nauwelijks meer opgenomen.

Vertellen vanuit het kind
In de twintigste eeuw komt er meer aandacht voor de beleving van een kind. Dé verteller uit deze tijd is Van de Hulst. Deze Utrechtse schoolmeester durft afstand te nemen van de letterlijke tekst en hanteert een taal die kinderen begrijpen. Zijn Bijbelse geschiedenis is populair onder protestanten en katholieken. 
De kinderbijbel van Anne de Vries, nog altijd te koop, wordt vooral in gereformeerde gezinnen gelezen. 

De kinderbijbels zijn ook aantrekkelijk door de illustraties. De kinderbijbel van Van de Hulst is geïllustreerd door Isings, die ook de beroemde historische schoolplaten tekende. De kinderbijbel van Anne de Vries is geïllustreerd door Jetses, tekenaar van Ot en Sien.

Na de Tweede Wereldoorlog verdwijnt langzaam de verzuiling. De uitgaven voor een specifieke achterban raken in de minderheid. Het kerkelijke jeugdwerk en de zondagschoolverenigingen nemen toe. Bij rooms-katholieke ouders verdwijnt de schroom om bijbelverhalen direct door te vertellen aan kinderen. De ontzuiling en ontkerkelijking zorgen ervoor dat kinderbijbels algemener worden, geschikt voor gebruik binnen verschillende kerkelijke richtingen. 

Illustraties als verhaaldrager
Met de opkomst van de televisie, verschijnen de Woord-voor-Woord verhalen, eerst van Mies Bouhuys, later van Karel Eykman. Bert Bouman tekent de illustraties die een grote bekendheid genieten. 
Er komen meer kinderbijbels waarbij de illustraties het verhaal dragen. Het grote voorbeeld is de Kijkbijbel waarin de tekeningen van Kees de Kort ondersteund worden door korte teksten. 

Diversiteit
Na 1950 is er een explosie van kinderbijbeluitgaven die voortduurt tot op vandaag. De diversiteit is enorm: kloeke Bijbelse geschiedenissen, beeldbijbels, Bijbelse leesboekjes, Jezusboekjes voor de eerste Heilige Communie, Bijbelse stripverhalen, pop-up-boekjes en Bijbelse kleur- en puzzelboeken. Het aanbod breidt zich ook uit op digitaal vlak. 

Een goede kinderbijbel
De eeuwen door zijn er veel goede kinderbijbels verschenen. Maar geen één is de beste. Dat oordeel is persoonlijk. Wat vinden ouders/opvoeders belangrijk? Een plezierige voorleesstijl? De visie van de auteur? De illustraties? Bekijk hier tips bij het kiezen van een kinderbijbel.